Advertentie: Craeymeersch
Bachte-Maria-Leerne
Deinze

Bezienswaardigheden

De parochiekerk

De mooiste toegangsweg tot het kasteel van Ooidonk ligt in de dorpskern van Bachte-Maria-Leerne. Via de Bagattestraat komen we zo in de Ooidonkdreef. Vooraan rechts in de dreef staat de parochiekerk. Het bouwvallige, maar architecturaal zo waardevolle Romaanse kerkje werd eind vorige eeuw tegen alle officiële adviezen in toch gesloopt en vervangen door een gebouw in neogotische stijl, zo wilde het de heer van het kasteel. Neogotiek was toen erg geliefd bij de katholieke aristocratie.


De Sterre

Aan de linkerzijde van de Ooidonkdreef ligt restaurant-feestzaal De Sterre, destijds een pleisterplaats voor Gust de Smet, Fritz van den Berghe en vooral Léon de Smet, die dat gebouw en de pastorie aan de overzijde schitterend op doek heeft gebracht.


Porta Arboreti

De weg naar het kasteel loopt onder de blauwe poort door, de Porta Arboreti (gebouwd in 1595, gerestaureerd in 1864). Oorspronkelijk zou het kasteel zeven gelijkaardige poorten hebben gehad.


Kapelanij

Links van de negenhonderd meter lange Kasseiweg ligt de hoeve "Kapelanij" uit de 14de eeuw, grondig verbouwd na 1700. Zoals de naam het laat verstaan, werd de hoeve verpacht aan de kapelaan van het kasteel en later aan de norbertijnen van de Drongense abdij.


Op de hoeve aan de rechterzijde van de weg bevond zich de jeneverstokerij van het kasteel. Er was blijkbaar aan alles gedacht: geestlijke hulp links, geestrijke bijstand rechts.

Aan het eigenlijke toegangshek van het omwalde slot ligt de conciërgewoning, met koetshuis, groententuin en oranjerie. Dit laatste gebouw is nu omgevormd tot taverne.

De smeedijzeren poort met het wapenschild van de huidige bewoners is eigenlijk niet de oorspronkelijke toegangsweg. Die lag voorbij het koetshuis, zodat men vroeger recht naar de ophaalbrug toe moest stappen - wat wel imponerend zal gewerkt hebben.

De heraanleg van de voortuin gebeurde in 1864, het jaar waarin de huidige familie het domein kon verwerven.


Kasteel van Ooidonk

Conciergewoning


Net voorbij de toegangspoort is er het typisch heuveltje met wat bomen eromheen: dit wijst op een ijskelder, die in gebruik bleef tot 1939. Wie net voor de ophaalbrug van het kasteel even halt houdt, wordt overweldigd door de stoere gestrengheid van het gebouw: strakke lijnen, torens en dikke muren, schietspleten en werpgaten - ook dat moet indruk gemaakt hebben op al wie het kasteel wou betreden. Hier spreekt de dominantie van de slotbewoner: de norse geslotenheid van de voorgevel heeft hier plaats gemaakt voor openheid en licht. In de galerij, waar Turdoboogjes op elegante zuiltjes staan, krijgt de architectuur zelfs wat speels. Speelsheid zien we ook binnenin, bijvoorbeeld in de roccoco-aandoende neorégencestijl van de rotondezaal - zo ingericht midden vorige eeuw.
Bij het verlaten van het kasteel hebben we vanaf de valbrug een uniek zicht op het park, met in de verte de uitgestrekte Leiemeersen en daarachter het groen en de vage contouren van de villa's in het residentiële Leiedorp Deurle.

Ho-donck

Het kasteel Ooidonk heeft een lange en rijk gevulde geschiedenis. Het ligt op een motte aan de linkeroever van de Leie, in een domein dat al vanaf de Frankische tijd (8ste-9de eeuw) als landbouwgebied in gebruik is. Bij een eerste indruk lijkt de naam te verwijzen naar gedroogd gras, naar 'hooi', maar... dit is volksetymologie: hoge donk betekent helemaal niet 'laag gelegen weiland', wel 'akkerland'. Een plek op een zandige hoogte, te midden van een drassig gebied aan een grote Leiebocht, biedt ook strategisch uiterst interessante mogelijkheden: van hieruit kan men zich uitstekend verdedigen. De invloedrijke heren van Nevele verkiezen dus begrijpelijkerwijze zo'n veilige plek boven hun oorspronkelijke residentie in het dorpscentrum. Het kasteel, mogelijk ontstaan in de 12e eeuw, is zeker bekend vanaf 1230 en wordt in 1387 de vaste verblijfplaats voor de heren van Nevele. Ze maken er een burcht van, met vier hoektorens en een binnenhof. Door huwelijk komt het in de 15e eeuw in handen van de familie De Montmerency.
In de strijd tussen de graaf van Vlaanderen en onze steden, tegen de Franse vorst, is Ooidonk een van de (Gentse) vooruitgeschoven verdedigingsstellingen. Dit belet niet dat - in een soort wanhoopsdaad - het kasteel met de grond gelijk gemaakt wordt (1491). Vanaf 1500 krijgt het slot weer een nieuw aanzicht, met de aanleg van de huidige Ooidonkdreef.

Een van de bekendste telgen uit het geslacht De Montmerency is Filip, hertog van Hoorne -hoogstwaarschijnlijk op het kasteel geboren. Tijdens zijn gevangenschap in Gent krijgt hij in ieder geval voedsel vanuit Ooidonk. We weten hoe hij in 1568, samen met Lamoraal van Egmont, op de Brusselse Grote Markt eindigt: onthoofd. Onder de godsdienstoorlogen krijgt het kasteel andermaal zwaar te lijden: Hembyse en zijn Gentse calvinisten verwoesten het grondig in 1579. Kort daarna wordt de ruïne verkocht aan Maarten della Faille. Die laat het meteen weer optrekken in renaissancestijl (1594) en meteen krijgt Ooidonk het uitzicht dat het vandaag nog toont. In 1864 heeft er weer een verkoop plaats, met een nieuwe eigenaar: graaf Arnold 't Kint de Roodenbeke, die een tijdlang senaatsvoorzitter was. Hij restaureert het kasteel, maar respecteert de geest van het renaissancegebouw.
Zijn aandacht gaat trouwens in de eerste plaats naar het park, dat hij opnieuw laat aanleggen - in de geest van de rijke botanische inrichting en het ecologische bewaren van de Leiemeersen erachter. Hoog koninklijk bezoek, dat hier geregeld langskwam, vormt een dankbare steun om het ideaal - het behoud van die prachtige meersen - te helpen realiseren.
Rond het kasteelpark, in de omliggende straten en lanen en in de voortuinen van de villa's, zijn (om de twee jaar) mooie sculpturen te zien: een schitterende combinatie van natuur en cultuur. Soms gaat dit gepaard met aangepaste tentoonstellingen in het Museum van Deinze en de Leiestreek, met een expositie in de ruimte van de Molens in Leerne en op diverse lokaties te Deurle en te Sint-Martens-Latem.